Duurzaamheid

WR4 eerste zeilende vissersschip met een elektrische aandrijving.

De historische haven van Den Oever zet koers naar toekomst. Met de wieringeraak WR4 hebben zij het eerste historische vissersschip dat elektrisch wordt aangedreven. „Tenzij er wind staat natuurlijk.”

Het schip stamt uit 1900 en werd voor het eerst te water gelaten in een tijd dat Wieringen nog een eiland was. De eerste schipper, Jaap ten Bokkel uit Hippolytushoef, viste er in het voorjaar mee op haring en ansjovis en in de zomer op harder en bot. In het najaar trok hij er met de WR4 op uit om alikruiken (in zee levende slakken), kokkels en mosselen mee te vangen.

De wind was het element waar de schipper van de WR4 het lange tijd mee moest zien te redden, totdat de verbrandingsmotor zijn intrede deed en een dieselmotor aan boord werd gehesen. Ook na de grote restauratie in de periode 2000-2004 bleef de aandrijving van wind en diesel afhankelijk. „Al hebben we toen al wel heel even gekeken naar een elektrische motor”, herinnert Tjeerdo Wieberdink, bestuurder bij Stichting WR60 en WR4. „In die tijd zouden we een vierkante meter aan accu’s nodig hebben gehad. Daaraan kun je zien hoe snel de ontwikkeling van die accu’s gaat. De waterverplaatsing van het schip blijft nu nagenoeg hetzelfde als met de dieselmotor.”

Men zal wel rekening moeten houden met een beperking van de maximale vaartijd. Op een tank diesel kon er tot zo’n twintig uur achter elkaar worden gevaren, op elektriciteit zes tot acht uur, afhankelijk van de omstandigheden. Wieberdink: „En dat kan best spannend zijn, ja. We varen namelijk nog weleens naar Terschelling of een van de andere Waddeneilanden. Onlangs zijn we er nog mee naar Groningen gevaren. Tenzij er wind staat natuurlijk, dan doen we het daarmee en hebben we helemaal geen motor nodig.”

Harmonie

Wieberdink meldt dat de historische haven van Wieringen, met als hoofdkantoor de Havenboet, een landelijke primeur heeft. Van alle nog varende historische aken, botters en skuutjes is de WR4 namelijk de eerste met elektrische aandrijving. Het geld voor die investering hebben ze mogen ontvangen van de gemeente Hollands Kroon, maar vooral van het Mondriaan Fonds.

„We hadden sowieso een nieuwe motor nodig. Een nieuwe op diesel zou vijftienduizend euro kosten, een elektrische met accu’s kost ongeveer het dubbele. Ik dacht dat het Mondriaan Fonds vooral op kunst gericht was, maar ze blijken ook het behoud van erfgoed een warm hart toe te dragen. Verder heeft de leverancier van de motor, Green Marine Motors uit Zaandam, nog een duit in het zakje gedaan.”

Hoewel de WR4 een lange geschiedenis met de verbrandingsmotor kent, keert het schip volgens het stichtingsbestuur terug naar de essentie: ’In stilte varen, in harmonie met de omgeving’.

Lees het verhaal van Lars van der Bel in IJmuider Courant (alleen voor abonnees)
Foto’s: © Foto Stichting WR60 en WR4